Zijn onze rechters (te) activistisch? Met een toegift over SyRI

De Nederlands staatsinrichting kent drie gescheiden machten: de wetgevende macht, die ligt bij de Eerste en de Tweede Kamer, daar wordt over de wetten beslist, de uitvoerende macht: de regering (de ministers, en meer ceremonieel, de koning) zij voert de wetten uit en zorgen voor het openbaar bestuur van het land. En de rechterlijke macht, gevormd door de rechters die tezamen met het Openbaar Ministerie, recht spreken.

20200203_192928Het idee van de scheiding der machten, ook wel  de trias politica genoemd, is ontwikkeld door de Franse filosoof Montesquieu,  die leefde van 1689-1755, de tijd waarin de macht nog in hoofdzaak bij de adel en de koning lag. Hij vond dat de macht niet geconcentreerd bij één (staats)instelling of persoon moest liggen – Power corrupts; absolute power corrupts absolutely-  maar bij meerdere instellingen.

Sinds de Grondwetswijziging van 1884 werkt dit systeem goed. Die drie machten zorgen voor een zeker (machts)evenwicht, zij vullen elkaar aan en controleren elkaar, waarbij de kiezers dan weer de wetgever controleren door middel van hun stemrecht.

Uitgangspunt is dat het zwaartepunt ligt bij de volksvertegenwoordigers, de politici, die moeten zorgen voor goede rechtvaardige wetten die het algemeen belang dienen.

“Onze rechtsstaat- aldus onze Koning Willem-Alexander- beschermt wat weerloos is en voorkomt dat alleen de hardste stemmen worden gehoord.”

Het is ook een misvatting dat in een democratie de meerderheid het voor het zeggen heeft. De democratische rechtsstaat beschermt juist de minderheid tegen een (willekeurige) meerderheid.

Maar terug naar de machtenscheiding. De politiek (de wetgevende macht) moet zich niet al te diepgaand bemoeien met de uitvoering. Dat moet worden overgelaten aan het ambtelijke apparaat, aangestuurd door de ministers. Bij  de Belastingdienst (de Toeslagen-affaire, de NS ( de kamer die af wil dwingen dat de treinen op tijd rijden, waar de NS zelfs geen overheidsbedrijf meer is) en bijvoorbeeld het onderwijs kunnen ze meepraten over wat er gebeurt als de politiek “in de waan van de dag” zich met de uitvoering gaat bemoeien.

En de onafhankelijke rechterlijke macht moet de “politiek aan de “” politiek” laten. Die moet zich beperken tot alledaagse conflictoplossing, uitleg en aanvulling van de wet en met nieuw opgekomen rechtsvragen, vaak voortkomend uit nieuwe ontwikkelingen, waarin de wet nog niet voorziet.

Enkele politici beweren steeds luider dat de rechterlijke macht te veel op de stoel van de wetgever is gaan zitten. Die politici wijzen dan naar de rechterlijke uitspraken over stikstof, waar bouwers en boeren zich nu zo boos overmaken , de Urgenda-uitspraak, die de staat dwingt tot een 25 % CO2 reductiede IS-zaak waarbij de staat wordt gedwongen meer te doen om IS-kinderen terug te halen. Nijpende en ook politiek getinte problemen waar, in de wet nog geen antwoord te vinden was.

20200203_192858

De Zweetvoetenman over rechtszaken & regels (en een hoop gedoe) dat prachtige boek van Annet Huizinga & Margot Westermann waarin zelfs deze kwestie mooi wordt uitgelegd op blz. 216 e.v.

De rechter is wettelijk verplicht recht te spreken als hem, zoals in deze zaken, om een oordeel wordt gevraagd. Uiteraard moet de rechter zijn oordeel dan baseren op de wet op staand regeringsbeleid en regeringsbeloften en op de van toepassing zijnde verdragen.

In de Urgenda-zaak waren de drie opeenvolgende rechtscollege’s het met elkaar eens. De rechtbank en, in beroep, het gerechtshof en in hoogste instantie, in cassatie, de Hoge Raad.

In een uitgebreide overweging, geheel gewijd aan de grens tussen wetgevende en de rechtsprekende macht overweegt de Hoge Raad in zijn uitspraak  in zijn laatste overweging 8:

De Hoge Raad begint met een belangrijk uitgangspunt:

“Indien de overheid tot iets verplicht is, kan zij daartoe, net als ieder ander, door de rechter worden veroordeeld op vordering van de gerechtigde (art. 3:296 BW). Dit is een fundamentele regel van de rechtsstaat, die is verankerd in onze rechtsorde.”

en vervolgt dat wat technischer:

“Zoals hiervoor in 6.3 is overwogen, komt in het Nederlandse staatsbestel de besluitvorming over reductie van de uitstoot van broeikasgassen toe aan de regering en het parlement . Zij hebben een grote mate van vrijheid om de daarvoor vereiste politieke afwegingen te maken. Het is aan de rechter om te beoordelen of de regering en het parlement bij het gebruik van die vrijheid zijn gebleven binnen de grenzen van het recht, waaraan zij zijn gebonden. Tot de hiervoor in 8.3.2 bedoelde grenzen behoren die welke voor de Staat voortvloeien uit het EVRM (Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, Rome, 04-11-1950, edv).

In de bijna op zijn eind lopende Impeachment procedure hoorden wij steeds: Niemand staat boven de wet, ook President Trump niet. Nou dat geldt ook voor de Nederlandse overheid.

Om dan vervolgens te oordelen (dat het gerechtshof heeft mogen beslissen) dat de Staat verplicht is de reductie met 25 procent voor eind 2020 te behalen, wegens het risico van een gevaarlijke klimaatverandering die ook de ingezetenen van Nederland ernstig kan treffen in hun recht op leven en welzijn.

De oud president van de Hoge Raad, Geert Corstens, schreef het in zijn opiniestuk in het NRC d.d. 25 januari 2020: “Het is niet de rechter die regeert”, als volgt:

“Sommige critici van rechterlijke uitspraken betoogden dat nu de deur ‘wijd is open gezet’. Zo zouden bijvoorbeeld groepen burgers zich via de rechter kunnen verzetten tegen het achterwege blijven van een vuurwerkverbod.

Schermafdruk 2020-02-03 19.37.55

Een screenshot van de website “rechtspraak” http://bit.ly/2vKphYx , waarin dit Urgena arrest wordt uitgelegd.

Dat lijkt een aardige tegenwerping. Maar men moet zich realiseren dat er dan sprake moet zijn van, kort gezegd, heel onredelijk overheidsoptreden of dat dit optreden in strijd moet zijn met een internationaal verdrag. Dat is nogal wat.

De rechter grijpt alleen in extreme gevallen in of als de overheid zelf zich heeft vastgelegd. Een voorbeeld van dat laatste is de stikstofzaak, waarbij de rechter niet meer heeft gedaan dan de staat houden aan eigen wetgeving. Dan kun je toch moeilijk de rechter verwijten dat hij de macht heeft gegrepen. En in de Urgenda-zaak hield de rechter de staat aan beleidsvoornemens die in internationale gremia erkend waren.

Kortom, van een magistrocratie (ook  wel Dikastofobie, edv) is geen sprake. De rechter beschermt de burger. En dat behoort hij te doen. De staat, dus ook de rechter, is er voor de vrijheid van ons allemaal, niet voor de staat zelf.”

Platter en eenvoudiger: Als dat oordeel van de rechter in politiek gevoelige kwesties, de wetgevende macht niet bevalt, dan is het aan de politici de wet aan te passen. Zo zijn de machten verdeeld. En over de titel vraag, het is eerder zo dat de wetgevende macht, lees de politici, de rechter opscheept met juridische dilemma’s die zij, de politici, niet hebben opgelost.

SyRI

Juist vandaag, 5 februari 2020  oordeelt de rechter het SyRI systeem in strijd met het EVRM. En voorfgaande aan deze rechtzaak ontstond ook een discussie over de vraag of de rechter wel mocht oordelen over dit over Systeem Risico Indicatie (SyRI) een wettelijk instrument dat de overheid gebruikt voor de bestrijding van fraude op bijvoorbeeld het terrein van uitkeringen, toeslagen en belastingen.  In het NRC van vandaag is in het artikel met de titel: “Schakel de rechter in als Tweede Kamer slaapt” het volgende te lezen:

“Onze grondrechten vormen het hart van de democratische rechtsorde. Daarmee geven ze uitdrukking aan het feit dat de overheid er is voor de burger en niet andersom. Als de politiek de uitvoerende macht met bevoegdheden kan uitrusten zonder de grondrechten te respecteren, is zowel de vrijheid van de burger als de democratische rechtsorde in het geding.”

Dan is het goed dat we die andere macht nog hebben, de rechterlijke macht, om de uitvoerende, terug te fluiten.


Stiekm Trots

HEEL het Noorden  gaat gebukt onder de gevolgen van de krimp! HEEL het Noorden? Nee, een klein dorp bleef dapper weerstand bieden tegen die gevolgen van de krimp. Misschien zit in die omvang van Wolvega, want daar heb ik het natuurlijk over, ook wel de kracht. Des te kleiner de gemeenschap des te groter de gemeenschapszin.20200109_130826 Die saamhorigheid bracht leden van alle ondernemingsverenigingen en medewerkers van de gemeente bij elkaar om met z’n allen aan de campagne “Stiekm Trots te werken.

Vanuit een valse of speelse bescheidenheid, je toch trots tonen op je plek en streektaal – stiekm in plaats van stiekem – met een knipoog naar dat dorpje van Asterix en Obelix.

Als ik treinend vanuit de randstad, mijn coupé na Zwolle steeds leger zie worden, sluit ik ook altijd een stiekem verbond met de enkele nog aanwezige medereizigers. “Niet doorvertellen hoor, daar in het westen, dat het hier zo mooi en rustig is” , fluister ik hem of haar dan toe.

De dichter/columnist Ellen Deckwitz beschrijft in haar column, van vorige week, een ander aspect van dat beschermend geheimhouden van iets moois:

“Niet zeggen dat je geniet”, siste hij, „dat is een heel gevaarlijk woord.” „Hoezo?” „Zodra je van iets geniet valt het de volgende keer tegen. Het benoemen zorgt voor een te hoge verwachting.” „Goed punt”, zei de oudste, en zo liepen we in het geniep genietend over de bospaden…”.

Met de initiatiefnemers van “Stiekm Trots” hoop ik toch dat de plaatselijke bevolking nog meer dan nu, zich ook in het geniep waagt aan wat “funshoppend” flaneren door de winkelstraat, met hopelijk wat meer groen en hier en daar een aanlokkelijke pleisterplaats. En al die winkels met die bekende aardige gezichten “achter de toonbank” zijn even zovele ontmoetingspunten, zoals vroeger die oude spreekwoordelijke “dorpspomp” dat was, die de gemeenschap tot een echte  gemeenschap maken en mijn lunchwandelingen tot een feest. En als ik dan die mooie vernieuwde zaken van bijvoorbeeld Visspecialist Van der Schuit,  Keurslager Hoeksma, of Bakkerij Kruiper binnenloop, dan krijg ik altijd weer groot respect voor het lef van die ondernemers om zo’n kostbaar verbouwingsavontuur aan te gaan. En gelukkig kan je een haring moeilijk “on line” kopen.

Schermafdruk 2020-01-09 10.27.37

Korte versie gepubliceerd in de “Stellingwerf”

Stiekm Trots

 


Tussen de feestdagen, voor sommigen een “Interbellum”

Compassie en empathie opbrengen is werken, nee het is het leven.

Na dat monument van een conference / geschiedenisles van Diederik van Vleuten: “Daar Werd Wat Groots Verricht” op https://www.npostart.nl/BV_101396848 eindelijk gezien te hebben,( lang naar gezocht, steeds gemist,) kwam ik ook weer wat dichter bij mijn ouders.

Schermafdruk 2019-12-30 13.44.39

Gauw kijken op NPO Start of elders bij een “Uitzending gemist” zolang het nog kan. Wel ruim 2 uur kijken.

Voor iedereen die (zijdelings) iets met het oude “Indië” te maken heeft (gehad) een must see!

Context alles draait om context, nuance en empathie.

En daar zijn verhalen en literatuur voor nodig om gevoel voor context aan te leren.

Maxim Februari zei het in de NRC van 21 december jl. zo:

Volgens de regels van het identiteitsdenken maakt het wel degelijk uit.

Als je een roman leest zit je sowieso in het hoofd van iemand anders. De schrijver is voor de lezer bij uitstek De Ander. Bij mijn romans, ook al zijn ze niet ontzettend autobiografisch – dat zijn ze trouwens wel, maar niemand die dat ziet –kom je als lezer in mijn hoofd te zitten, en daar kun je zien hoe ik denk op het moment dat ik even niet meer aan de beperkingen van de krantencolumn vastzit. Je leert de gedachtegang van een schrijver kennen, zijn fascinaties, zijn interesses. Dat maakt het lezen van een roman zo intiem.”

Laatst Twitterde ik over het boerenprotest: “Alle deskundigen komen uit rond de 46% en al zal het 30 % zijn, dan zijn de boeren nog steeds de grootste veroorzakers van de stikstofuitstoot. Dat is geen verwijt maar een feit.” met een link naar: https://www.nrc.nl/nieuws/2019/12/18/zoveel-stikstofuitstoot-de-boeren-geloven-er-niets-van-a3984286 .

Na een essay van Bas Heijne ook op 21 december jl. in de NRC begrijp ik dat zo’n Tweet weinig zin heeft:

“Het gaat helemaal niet om de feiten. Het gaat om beleving.”

Daar stel Heijne:

“Je neemt de angst voor terrorisme niet weg door mensen voor te houden dat de kans dat zij het slachtoffer van een aanslag worden vele malen kleiner is dan de kans op een auto-ongeluk. Wanneer je net een filmpje op je telefoon hebt gezien van iemand die met grof geweld in elkaar wordt geslagen, is het lastig te accepteren dat de misdaadcijfers dalen. Het doet er ook niet toe of het filmpje aan de andere kant van de wereld is opgenomen of vier jaar geleden. Jouw emotionele relatie is met het meisje of de jongen die klappen krijgt, niet met de statistieken.”

Heijne sluit zijn essay af met:

“Dat ons idee van objectiviteit op alle gebieden onder druk staat, hoeft niet alleen maar negatieve gevolgen te hebben – het kan ons bewuster maken van de positie van waaruit we handelen en spreken. Het kan ons beter laten inschatten welke reacties we teweegbrengen, hoe onze inbreng – onze woorden, onze beelden, onze ontwerpen, onze politieke boodschap – de wereld waarin we leven beïnvloeden en veranderen. Wanneer we ons bewuster worden van het effect dat we hebben op onze omgeving, gaan we een nieuwe, betekenisvolle relatie met die omgeving aan.

In een tijd waarin men steeds minder gevoelig lijkt voor de wereld buiten het eigen hoofd, voor het gezichtspunt van de ander, in een tijd waarin men zich steeds verder verschanst in de eigen beleving en de eigen overtuiging, lijkt me zo’n houding niet alleen zinvol, maar ook van cruciaal belang.” (vet van edv)

Ik wens ons allen toe dat wij bovenbedoelde “invoelende houding” het komend jaar en de jaren daarna, op kunnen brengen.

Een fijne jaarwisseling en een mooi 2020

 

 

 

 

 

 

 


Hij is weer in het land en dat leidt weer tot trammelant of erger?

Graag zou ik, net als Rosanne Hertzberger, columniste van het NRC, van al die, in hoofdzaak boze mannen willen zeggen, ach het zijn eigenlijk maar goedzakken die geen vlieg kwaad doen.

Na dit weekend twee columns in diezelfde NRC gelezen te hebben, van twee dames, wier columns ik altijd graag lees, twijfel ik. Dreigt er een escalatie in dit land of is er weinig aan de hand.

hertzberger-rosanne-2-online-artikel

Foto bij haar column in NRC

Hertzberger schrijft dit weekend over al die grimmige conflicten van de laatste tijd, over de tegenstellingen die groter dan ooit lijken tussen “Zwarte Piet-voorstanders en roetveeg-voorstanders, tussen bouwvakkers en ecologen, tussen natuurliefhebbers en boeren, tussen forenzen die door willen rijden en de mensen die blij zijn met 100 kilometer per uur.”  En legt dan een verband tussen deze werkelijkheid en de sociale media van het internet:

” Voor wie zich te veel op sociale media begeeft (wij allen), lijkt Nederland zich deze dagen op het randje van een burgeroorlog te begeven. Maar wat blijft er van die dreiging over als je Facebook en Twitter wegklikt? Kijk om je heen in plaats van op je scherm en je ziet er weinig van terug.” en verder in haar column: “Wat blijft er over als je de extremisten en de agressieve neonazi’s die vorige week de activisten van Kick Out Zwarte Piet aanvielen, wegdenkt?”  Begrijp ik haar collega-columniste Clarice Gargard, in dezelfde krant,  goed dan laat die Hertzberger niet zomaar wegkomen met zo’n laconieke relatievering van de aanval vrijdag jl. op aanhangers van de actiegroep Kick Out Zwarte Piet (KOZP). Gargard beschreef die aanval als volgt:

“Een groep overwegend zwarte activisten en bondgenoten werd afgelopen week door tientallen witte, racistische extremisten aangevallen tijdens een congres van Kick Out Zwarte Piet in Den Haag. Ze werden met vuurwerkbommen begroet, autoruiten waren ingeslagen en deuren ingeramd. De politie was er, ondanks eerdere signalen, te laat bij. Slachtoffers stonden doodsangsten uit.”

Zeker geen eenmalig incident dus en die Zwarte Pieten-discussie gaat volgens haar “al lang niet meer om de kleur van Zwarte Piet. Maar om dat sommigen niet willen dat zwarte Nederlanders inspraak hebben en aandacht vragen voor hun achtergestelde politieke, economische, sociale en culturele positie in een land dat ook van ons is.”

claricevierkant

Foto bij haar column in NRC

Beide columnisten zijn stevig in hun karakterisering van die aanvallers van KOZP, Hertzberg noemt het “agressieve neonazi’s” en Gargard “racistische extremisten”.

Wel plaatst Hertzberger deze escalaties in een breder verband:

“De conflicten van onze tijd hebben een gemene deler. Telkens weer voelt een grote groep mensen, vooral onze Nederlandse mannen, zich tot in het diepst van hun ziel gekrenkt. Ze zijn goedzakken, die deugen, hard werken, geen vlieg kwaad doen, en ze voelen zich telkens weer onterecht beschuldigd van ernstige misdaden: racisme, seksisme, het vernietigen van onze planeet.” En die groep, voor zover ze als een soort “meelopers” gekenschetst kunnen worden, laat zich dan weer opjutten door de bots en en trollen van het internet en door de opportunistische en populistische rattenvangers die dat internet afschuimen opzoek naar willig kanonnenvlees voor hun particuliere strijd.

Tussen april en september van dit jaar heeft alleen Facebook al, 3,2 MILJARD! nepprofielen verwijderd, 1,5 x het aantal echte Facebook-profielen. Een nieuwe schoonmaak actie bij Twitter zal een soortgelijk resultaat opleveren, vrees ik. Een goede reden voor de redactie van “EenVandaag” om direct te stoppen met die malle rubriek “TredingVandaag”. Dat mag met recht “Fakenews” genoemd worden, gekatalyseerd door bots- en trollenfabrieken en toch dankbaar gebracht door luie journalisten.

En wat één tweet over Zwarte Piet(Black Pet)  van super influencer @KimKardashian, met 62,3 miljoen volgens, kan bereiken, blijkt wel uit de vele duizenden reacties hierop:

Gargard gaf in haar column vrijdag al aan waarschijnlijk naar de landelijke intocht van Sinterklaas te zullen gaan om te protesteren tegen Zwarte Piet. Of ze gegaan is weet ik niet, maar ik proefde bij haar wel een “heilig moeten”. Zij beëindigde haar column immers met: “hoewel ik het beangstigend vind en normaliter liever van een afstand waarneem. Maar als leiders die verkozen zijn ieders rechten te beschermen dat niet doen, moet je soms zelf optreden. Om niet te vergeten dat ook de levens van mensen zoals jij het verdedigen waard zijn.”

Eerder stelde zij in haar column vast: “Deze discussie gaat al lang niet meer om de kleur van Zwarte Piet. Maar om dat sommigen niet willen dat zwarte Nederlanders inspraak hebben en aandacht vragen voor hun achtergestelde politieke, economische, sociale en culturele positie in een land dat ook van ons is.”

Nou blijf ik als positivist maar hopen dat die “sommigen” van Gargard toch een kleine racistische minderheid is en blijft waarvan het belang dus sterk vergroot wordt door de giftige werking van de sociale media met hun bots en trollen en door eerder bedoelde luie journalisten.  Laat het overgrote deel alsjeblieft die hoofdzakelijk mannelijke goedzakken van Hertzberger zijn.

Laat de ratten maar in de riolen van het internet.


Dat “vaasje” van Rutte is zomaar stuk.

In mijn vorige blog schreef ik over de snelheid waarmee de democratieën van het VK en de VS onder respectievelijk de Brexit-chaos en Trump  ernstig beschadigd zijn geraakt.

Dat plaatste ik in het kader van de door Hannah Arendt met zoveel woorden gepropageerde “oordeelsplicht“, die titel ook van mijn vorige blog.

20191005_184903

Hannah Arendt foto Ullstein uit NRC 9-10-2009

 

Arendt liet niet na het belang van denken in een democratische samenleving te benadrukken.  Zij schreef:

“Ook niet-denken echter, dat zo’n aanbevelenswaardige toestand lijkt in politieke en morele aangelegenheden, heeft zo zijn risico’s. Door mensen af te schermen voor de gevaren van onderzoek leert men hem zich vastklampen aan om het even welke voorgeschreven gedragsregels zoals die op een bepaald ogenblik in een gegeven samenleving gelden. Mensen raken dan niet zozeer gewend aan de inhoud van de regels -een grondig onderzoek hiervan zou hen radeloos maken- als wel het bezit van de regels, die ze op alle bijzondere gevallen kan toepassen. Als iemand verschijnt die, om welke reden ook, de oude ‘waarden’ of deugden wenst af te schaffen, dan zal hem dat niet zwaar vallen op voorwaarde dat hij een nieuwe gedragscode aanbiedt, en hij zal relatief weinig geweld en geen overreding nodig hebben – d.w.z. bewijsvoering dat die nieuwe waarden beter zijn dan de oude- om die code op te leggen.”

Die nieuwe code hoeft noch rechtvaardig noch op waarheden gebaseerd te zijn. In ander verband schreef Arendt dat “niet zozeer de overtuigde communist of nazi de ideale onderdanen van een totalitair regime zijn, maar al degenen die niet langer het onderscheid tussen waarheid en leugen kunnen maken.”

Zo is het zowel Trump als de campaigners voor “Leave” (Brexit) gelukt om hun succes op leugens te stoelen. Niet voor niets hekelt Trump keer op keer de vrije pers die zijn leugens aan de kaak stelt.

Met deze zwartgallige wetenschap in het hoofd las ik onlangs een interview met de Kroatische schrijfster Dubravka Ugresic. Dat interview vond plaats naar aanleiding van het verschijnen van haar nieuwe boek “Het tijdperk van de huid” en stond vrijdag j.l.  in het NRC.

0506bbdubravka2

Dubravka Ugresic  van NRC-site

“Nadat in 1991 in Joegoslavië de oorlog uitbrak, nam Ugresic stelling tegen het moordzuchtige geweld en de nationalistische ideeën van zowel de Kroaten als de Serviërs. In de pers schreef ze kritisch over de cultuur van leugens die daarmee samenhing. Het leverde haar een haatcampagne op van de nationalistische Kroatische media, die haar voor ‘verrader’, ‘vijand van het volk’ en ‘heks’ uitmaakten.”

Haar uitgever was in 1992 politiecommissaris geworden en kwam woest op haar voordeur bonzen vanwege wat zij geschreven had. Daarna ging ze verder met het uiten van kritiek op het primitivisme en nationalisme, van o.a. ook haar collega’s. Ja, zelfs in intellectuele kringen waarin Ugresic verkeerde, werd simpelweg niet meer nagedacht. Vrienden met wie ze al twintig jaar had samengewerkt keerden zich van haar af, alleen omdat zij wél kritisch bleef.

Omdat zij als een van de weinigen, weigerde om achter de nationalistische en fascistische leugens aan te lopen werd zij als paria, uitgesloten, door haar voormalige vrienden en geestverwanten.

In het interview zegt zij over dat fascisme:

„Fascisme is de zachtste, meest natuurlijke conditie van de mens. Als je niet meedoet, hoor je er niet meer bij. En de angst voor uitsluiting is ieders grootste angst. Dat geldt voor de meerderheid van de mensheid. Al op de kleuterschool wil niemand buitengesloten worden. Zelf werd ik daar gepest omdat ik een Bulgaarse moeder had. Je wordt gedwongen ergens bij te horen en dat is precies de basis van iedere fascistische organisatie. Het marktdenken, waarin iedereen hetzelfde wil hebben, speelt er ook een rol in.”

Of het nu over Goudse kaas, hamburgers van die beroemde fastfood ketens of over Nutella gaat, mensen lijken tot veel  “smaak concessies” bereid om maar bij die grote groep gelijkgezinden te behoren. Ugresic noemde die Goudse kaas ook in haar interview en trok die vergelijking door door te zeggen:

„Ja. Sterker nog, in de toekomst hoeven ze helemaal geen eigen smaak meer te hebben. Om je vrienden te behouden moet je houden waar zij van houden.”

Maar moet je ook vinden wat je vrienden vinden, moet je die blind volgen ook als het over iets meer gaat dan over smaak? Vindt je dat dan brul je uiteindelijk dus met je vrienden mee: “minder minder, minder” (Marokkanen)  tot “Lock her up, lock her up.” (Trump over Hillary Clinton).

Dit weekend schreef  The Washington Post dat de Republikeinen voor de keuze staan: Betray Trump or betray the country?  Laten ze het “vaasje” (het land) of Trump vallen?

Sturen ze hun geweten, hun onderscheidingsvermogen,  met vakantie om “er maar bij te horen”  om de eenheid in de partij te handhaven of nemen ze de moeite om tijd te besteden aan het (gewetensvol) vormen van een eigen mening. Voldoen ze aan die oordeelsplicht uit mijn vorige blog.

Zeker met alle nieuwe digitale technieken en de invloed van de sociale media zullen we ons steeds weer moeten afvragen: “Klopt dit wel” wat ik hier zie, lees, hoor.

De grootste bedreiging voor dat vaasje van Rutte is misschien wel de luiheid en gemakzucht waarmee de leugen voor lief wordt genomen, niet wordt onderzocht laat staan weersproken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


De oordeelsplicht

De filosoof Hannah Arendt schreef, dat “niet zozeer de overtuigde communist of nazi de ideale onderdanen van een totalitair regime zijn, maar al degenen die niet langer het onderscheid tussen waarheid en leugen kunnen maken.”

20180317_161543

Blijf je daarom altijd afvragen of die bewering wel waar is en of dat besluit wel rechtvaardig is. Bedenk dat er vaak geen eenvoudige oplossingen bestaan voor complexe problemen. Integere oordeelvorming is ook een gewetensonderzoek, de uitkomst moet niet alleen voor jou maar voor iedereen rechtvaardig zijn.

Ja, dat valt niet mee hè, zo’n plicht tot oordelen en daarop handelen. Maar de rampen zijn niet te overzien als we die plicht verzaken. Als we ons nieuwe normen en waarden laten opdringen alsof het nieuwe tafelmanieren zijn, zonder die nieuwe normen zelf echt kritisch te beoordelen op sociale rechtvaardigheid, dan kunnen we opeens wakker worden in een nachtmerrie; in het Amerika van Trump of het Verenigd Koninkrijk van de Brexit-crisis.

Zo werd Europa ook opeens wakker in de Eerste Wereldoorlog. Onnadenkend, “slaapwandelend” liepen we massaal de loopgraven in, bij honderdduizenden uit vele landen. De schrijver Stefan Zweig  beschrijft in “De wereld van gisteren” het gevoel van velen toen, toen het al te laat was: „Zoals nooit tevoren voelden de duizenden, honderdduizenden mensen wat ze beter in vredestijd hadden kunnen voelen: dat ze bij elkaar hoorden.”

En ook het naziregime kon de bestaande normen en waarden van de ene dag op de andere vervangen waarbij het “niet” van “Gij zult niet doden” simpel werd geschrapt.

Ook kleinere dilemma’s vragen om een integer oordeel. Neem Gretha Thunberg’s acties. Wordt die zeer jonge milieuactiviste, 16 jaar, recht gedaan als zij een boze autistische heks wordt genoemd, die door haar ouders beter in bescherming had moeten worden genomen?  Of zijn haar verwijten aan de generaties boven haar oprecht en inderdaad een ongemakkelijke waarheid die verteld moet worden, maar die dus ook irritatie oproept. “How dare you, to look away”.

En is die 15-jarige zoon van de burgemeester van Amsterdam een crimineel, omdat hij een leegstaande woonboot had betreden met een onklaar gemaakte revolver? Of is een Haltproject een passende maatregel? Rond mijn 10de schilderde ik mijn speelgoedrevolver zwart, zo leek die echt. Te echt en dus een verboden wapen volgens de politie.

Oordeel zelf.

 


Pecunia (non) olet

We erkennen al wel dat er luchtje kan zitten aan blood diamonds , (te) goedkoop textiel,. En dat onze smartphones ook veel problematische mineralen bevatten, waarvan de delving veel menselijk leed veroorzaakt, zouden we ook moeten weten. 20190921_192739Na de liquidatie van de advocaat Derk Wiersum is er een “guilty”, nee zeg maar. “forbidden pleasure” bijgekomen, het coke gebruik. Ik hoorde van het weekend al de term “snuifschaamte” voorbijkomen. Op de dag van de moord op mijn collega had ik al het verband tussen Zuidas advocaten en cokegebruik willen leggen maar dat achtte ik toen (nog) niet kies. Een dag later durfden Fokke en Sukke dat wel. We zullen, denk ik, nu ook snel anders gaan denken over die voor- en achterdeur van onze veel geroemde coffeeshops, icoon van onze (naïeve) tolerantie.

Geld kan wel stinken

Ondanks dat mooie adagium “Pecunia non olet” stinkt geld, verdient ten koste van levens en levensgeluk van anderen, natuurlijk wel. We hebben het bont eerder af kunnen zweren vanwege het dierenleed dan coke en extacy vanwege menselijke slachtoffers en milieuschade. Wat is dat toch dat groter mededogen voor dieren dan voor mensen?

De coke-handel is net als alle handel onderworpen aan de tucht van van de vrije, nou ja, “vrije”, markt. Verboden, opsporing en vervolging maakte de coke alleen schaarser en dus duurder.

Neoliberalisme

Derk Wiersum werd vermoord op de eerste dag van Algemene Politieke Beschouwingen (APB). Commentatoren brachten de opvallende algehele mildheid en grote eensgezindheid tijdens de debatten in verband met die moord. Graag zag ik ook een  verband tussen de liquidatie en het bijna kamerbrede afscheid van het neoliberalisme. Eerst was het Hugo de Jonge die eindelijk toegaf dat de marktwerking in de zorg was doorgeslagen. Ik vermelde dat in mijn blog van 18 maart j.l. : “Een nieuwe lente een nieuw geluid” . Maar tijdens de APB bleek dat ook Rutte een nieuw geluid liet horen. Het vertrouwen in de “onzichtbare hand” ,die de markt reguleert door vraag en aanbod bij elkaar te brengen, was ineens weg.  Geen laissez faire, laissez passer-politiek meer. Er was weer behoefte aan een strenge marktmeester. In het NRC van zaterdag 21 september las ik: “Wie deze week luisterde naar de Algemene Politieke Beschouwingen, hoorde meer Marijnissen dan Bolkestein. VVD-leider Klaas Dijkhoff prees de noodzaak van de overheid als „marktmeester”.” en  de debuterende CDA-fractievoorzitter Pieter Heerma stelde vast dat niet eerder zoveel partijen afstand  namen van het doorgeschoten individualisme en neoliberalisme.

Kan de Staat als marktmeester nog iets beginnen tegen die marktleiders van de coke- en andere drugshandel, tegen die industrie die over lijken gaat? In de strijd tegen de sigarettenfabrikanten blijft de marktmeester  de spreekwoordelijke een zachte heelmeester, met als gevolg nog steeds nieuwe stinkende wonden. Volgens sommigen hebben we “the war on drugs” ook allang verloren. Misschien moeten wij, consumenten, zolang er geen Fairtrade coke is, die marktmeester een handje helpen en onze “snuif- en slikschaamte” beter ontwikkelen om zo zelfs een vraaguitval te bewerkstelligen, een consumentenstaking in navolging van Fokke en Sukke. Dan verslaan we die meedogenloze marktleiders met hun eigen middelen, met het marktmechanisme. Hun geld stinkt te erg.