De gevaarlijke arrogantie III

Eerder schreef ik hier al twee blogs die ik dezelfde titel meegaf, het eerste deel ging over het, op te arrogante, elitaire wijze wegzetten van de anti vaxxers door Arjen Lubach 2 november 2016. Mijn tweede stuk schreef ik bijna twee jaar later, na het lezen van een mooie column van de politiek filosoof Remko van Broekhoven. Dat blog begon ik met een door Van Broekhoven gebruikte quote van Winston Churchill : “Het beste argument tegen de democratie is een gesprek van vijf minuten met de doorsnee kiezer”.

Remko Broekhoven brengt in zijn column empathie en verantwoordelijkheid bij elkaar, door af te sluiten met:

“En Winston Churchill, besef dat een gesprek met de doorsnee kiezer je afkerig kan maken van democratie, maar ook dat zo’n gesprek je inzicht geeft in een onderbuik die niet weg te denken is uit welke democratie dan ook.”

Na de uitzending van Jinek op dinsdag 22 september jl. reageerden velen, naar aanleiding van het optreden van de tot dan toe voor mij volstrekt onbekende BN’er en influencer Famke Louise, zoals  Chuchill op die door hem opgevoerde denkbeeldige kiezer.” 

“Youp” schreef in zijn column in de jarige NRC dit weekend: “Deze week had ik net als de rest van ons land diep medelijden met die arme Famke waar louter onsamenhangende bagger uit kwam. Vooral bij Eva Jinek waar Diederik Gommers een glansrol vervulde door het panische gansje rustig uit te laten brabbelen. Je zag Gommers denken: in welke surrealistische hel ben ik in godsnaam beland? “

Ik zag Gommers heel iets anders denken. Ik zag hem een kans grijpen om werkelijk met Famke Louise in gesprek te gaan, op basis van gelijkwaardigheid, zonder op die, bij de “elite” wel bekende arrogante wijze deze “achterblijver” wel even uit te leggen hoe het zit en hoe dom zij is. 

En soms tref zelf op de Sociale Media, op Twitter en LinkedIn, juweeltjes aan. Zo schreef Mechtild Stultiens twitternaam: @MStultiens: “Diederik Gommers is het vaccin. Als we allemaal iets meer van hem zouden hebben dan zouden we ons een stuk veiliger voelen. Wat was hij weer respectvol, eerlijk, professioneel, verbindend en vaderlijk zorgzaam gister bij Jinek. Ik ben fan.”

En Margot van Sorge schreef op LinkedIN: 

Net als iedereen viel ik over het optreden van Famke Louise begin deze week. Twee benen gestrekt erin zeg maar. Ik ging even lekker los op de bank. Totdat ik in de gaten kreeg hoe Diederik Gommers omging met de enorme worsteling van Famke Louise. Daar zag ik mij toch een knap staaltje leiderschap!

Bescheiden en in rust was Diederik Gommers de enige aan tafel die in gesprek was en in gesprek bleef. Die zich niet liet afleiden door de onbeholpen manier van communiceren van Famke Louise. Die de zwakte aan tafel niet misbruikte om zijn eigen punt te scoren. Die zijn eigen urgentie rustig onderbouwde en zonder stemmingmakerij over de bühne wist te krijgen. Die, als kers op de taart, de stuntelige en onbeholpen urgentie van Famke Louise moeiteloos en vriendelijk wist te koppelen aan die van hemzelf. En ondanks zijn bezwaren tegen haar aanpak wel oog en oren bleef houden voor het probleem dat zij zo vierkant probeerde aan te kaarten.

Mijn idee van een goede leider:
Een mens, met kennis van zaken, en dit op een vriendelijke manier deelt en beschikbaar stelt, en dit weet te positioneren buiten de eigen afdelingsgrenzen, en door bescheidenheid de IK in WIJ weet te creëeren door een stip op de horizon te plaatsen.

Wat mooi gedaan Diederik!

Van mensen als Diederik Gommers, Mechtild Stultiens en Margot van Sorge moeten we het hebben.  Dat zijn de leiders die wat mij betreft meteen kunnen worden toegevoegd aan het Outbreak Management Team, het OMT als de leiders en verbinders, noem ze voor mijn part influencers,  die contact met de burger, daar waar de overheid dat is verloren, weer kunnen herstellen.

En als iedereen dan verder ook ophoudt te zeuren over het beleid rond mondkapjes, aerosolen, individuele overtredingen van coronaregels door bestuurders, verschillen met de ons omringende landen en er een beetje op wil vertrouwen dat de meesten, ook binnen overheid en wetenschap, van goede wil is en niets liever wil dan dat virus de wereld uit te krijgen.

Laat je te grote ego even leeglopen, zet die ijdeltuiterij en die verongelijktheid eens opzij.   

Niets is zeker, en zelfs dat niet.

Humor als tegengif tegen fanatisme

De column van Michel Krielaars met de titel: “De laatste wijze raad van Amos Oz” in het NRC van dit weekend bracht mij weer bij mijn eigen bespreking van een pamflet van Amos Oz “Hoe genees je een fanaticus” in “Humor als tegengif tegen fanatisme” .

Krielaars haalt in zijn column, in het NRC, de in 2018 overleden schrijver Amos Oz aan. Hij schrijft dat Amos Oz in zijn postuum verschenen “De laatste lezing. Hoe het verder moet met Israël” wijst op het gevaar van nostalgie. Als je terug verlangt naar een niet meer bestaand verleden, moet je daar maar een boek of toneelstuk over schrijven, zegt Oz, aldus Krielaars, “Zoek wat u bent kwijtgeraakt in de tijd en niet in de ruimte, want u bent het niet kwijtgeraakt in de ruimte, u bent het kwijtgeraakt in de tijd.”

Tijden veranderen en veranderen gaat van au!

De herinnering blijft maar the times they are a changing. Tijdens die andere crisis, de oliecrisis van 1973 zei premier Joop den Uyl: „Het zal nooit meer worden zoals vroeger”. Tijdens de huidige coronacrisis hebben we het over “het nieuwe normaal”.

Veranderingen, ook noodzakelijke, gaan van Au! En om die ongemakkelijke veranderingen toch door te voeren is leiderschap nodig. Krielaars stelt aan het slot van zijn column oud president Truman tegenover zijn “huidige ambtsgenoot (Trump?) waar hij schrift:

“Anders dan zijn huidige ambtgenoot besefte Truman dat zijn enige echte macht eruit bestond dat hij anderen ervan kon overtuigen dingen te doen waarvan ze diep in hun hart wisten dat die gedaan moesten worden, maar waar ze geen zin in hadden. Een betere manier om de vrede te bewaren is er niet.”

Lees meer »

“Zij die zeggen dat de politiek onfatsoenlijk is, dragen ertoe bij dat politiek zo wordt.”

Deze waarschuwende woorden van Vaclav Havel worden aangehaald door Alicja Gescinska filosoof en schrijfster van het essay voor de Maand van de Filosofie, “Kinderen van Apate”. In een essay gepubliceerd in NRC van dit weekend, zet zij haar ideeën over waarheid uiteen .

Die waarschuwing van Havel  past bij haar aanbevelingen, het politieke klimaat te verbeteren. “wil je niet dat de politiek leugenachtig is, maak van de politiek dan geen leugenachtige stiel.”

Ze vervolgt met: “De voorbije jaren is het bon ton om te beweren dat politici professionele leugenaars zijn. Dat politiek slechts om machtsspelletjes draait. Dat politici vooral hun eigenbelang nastreven en niet het algemeen belang. Die mening zie je niet enkel in anti-politieke hoek, bij aanhangers van populisten en niet-stemmers.”

Dat leidt uiteindelijk tot een “self-fulfilling prophecy“, een conclusie die Havel dus ook trekt met zijn woorden: „Zij die zeggen dat de politiek onfatsoenlijk is, dragen ertoe bij dat politiek zo wordt.”

Ook al wordt er wat afgelogen en worden er op z’n minst halve waarheden verkondigd in de politiek, Wij moeten dat toch blijven zien als aberraties,  als verstorende afwijkingen van de politieke ethiek.

Mooi om te lezen hoe zij een zuiver gebruik van begrippen rond waarheid bepleit. Stel de leugen niet tegenover de waarheid. “Het tegendeel van de leugen is niet zozeer waarheid (de feitelijke juistheid van een bewering), maar waarachtigheid: de oprechte, authentieke houding waarmee men een uitspraak doet. Daarom is een herwaardering van waarachtigheid nodig, als we leugens en desinformatie willen bestrijden. En in een post truth-tijdperk is die waarachtigheid des te belangrijker. Wanneer de leugen regeert, is waarachtig zijn een revolutionaire daad.” 

Een zuivere uitwisseling van gedachten en argumenten zowel in de politiek als daarbuiten is een morele kwestie en vereist zorgvuldigheid, nuance en integriteit.

In mijn blog “Gevaarlijke Arrogantie” schreef ik:Lees meer »

Man is a storytelling animal

De Britse filosoof Alasdair Chalmers MacIntyre was er van overtuigd dat mensen, “storytelling animals” zijn.  In zijn boek “After Virtue” schrijft hij;  “man is in his actions and practice, as well as in his fictions, essentially a story-telling animal.

Van mythologische verhalen, van de Bijbel tot de sprookjes, van het Communistisch Manifest tot “The  American Dream” (Van krantenjongen tot miljonair) leren we hoe karakters gekend en gevormd worden in het drama waarin we geboren worden. Een drama of tragedie, want al onze verhalen eindigen met de dood. Uiteindelijk maken we van ons eigen leven, van onszelf ook een verhaal. Zonder verhalen tasten we angstig in het ongewisse duister. Het is moeilijk een samenleving te begrijpen zonder zo’n voorraad verhalen. Ieders eigen databank zit vol verhalen met antwoorden op onze levensvragen.

We need stories

20200524_141347
Ook in de “de Zweetvoetenman, alleen de titel al, ligt het accent op de verhalen.

Jan Leijten,  oud advocaatgeneraal bij de Hoge Raad en overleden in 2014, verzuchtte ooit: “We need stories” en zelf schreef hij ook mooie verhalen voortkomend uit zijn praktijk, zoals bijvoorbeeld “De verschrikkelijke eenzaamheid van de inbreker”

Coen Drion, advocaat en van 2010 tot 2015 Raadsheer bij de Hoge Raad der Nederlanden, riep advocaten ooit op hun zaken “in een bepaald thema aan de rechter voor te leggen: ‘Deze zaak gaat in essentie over het volgende.’ Dat kan het verschil maken, vooral in kwesties waar de feiten diffuus zijn.” Ik lees in die oproep ook een advies de zaak en een context, lees in een verhaal te plaatsen.

En deze maand verscheen een artikel in het juridisch maandblad “Ars Aequi” een artikel met de titel “Storytelling in de civiele procespraktijk”.Lees meer »

“Jezelf een vraag stellen, daarmee begint verzet”

Een aanvulling op mijn blog over de meidagen 2020.

4 mei-voordracht 2020 Aron Grunberg

Toch, 5 dagen na 4 mei, besloten hier een verwijzing te plaatsen naar die tot diep nadenken dwingende 4 mei toespraak van Arnon Grunberg . Eerlijk gezegd vond ik Grunberg altijd een wat eng geniaal wonderkind.  Maar langzaam maar zeker wordt hij toch ons nationaal geweten, al is zijn boodschap soms wat ongemakkelijk.

 

Ik citeer hier alleen het slot van zijn voordracht:

“En het is ook logisch dat als er gesproken wordt over bepaalde bevolkingsgroepen op een manier die doet denken aan de meest duistere tijd uit de twintigste eeuw, als dat gewoon is geworden, er vroeg of laat op die manier ook weer over Joden gesproken kan worden. Voor mij was het van begin af aan duidelijk: als ze het over Marokkanen hebben, dan hebben ze het over mij. 

‘Ik kan niet begrijpen, niet verdragen dat men een mens beoordeelt niet naar wat hij is, maar naar de groep waar hij toevallig toe behoort,’ schreef Primo Levi in de jaren zestig aan zijn Duitse vertaler. Woorden die wij wekelijks, misschien wel dagelijks zouden moeten herhalen al was het maar om ons eraan te herinneren hoe giftig woorden kunnen zijn. Dat een Nederlander in Auschwitz kerosine over levende vrouwen en kinderen moest uitgieten begon met woorden, met toespraken van politici.

Juist in deze geseculariseerde tijden rust, meen ik, een speciale verantwoordelijkheid op Kamerleden, op ministers om het goede voorbeeld te geven, om het woord géén gif te laten zijn, om altijd voor ogen te houden dat de staat noodzakelijk is maar tevens een potentieel kwaad dat met achteloze vanzelfsprekendheid mensen, bevolkingsgroepen kan vermorzelen. De vrouw die haar halfdode kind in het gezicht van Oberscharführer Voss gooide, zij waarschuwt ons. De Nederlander die ‘Nee! Nee!’ riep, weigerde kerosine over levende vrouwen en kinderen uit te gieten, toen zelf het vuur in werd getrapt, hij waarschuwt ons.”

Nu dan het vervolg op

“De rechtsstaat in het licht van de meidagen. Laat dat licht niet doven.”

of:

“Jezelf een vraag stellen, daarmee begint verzet”

Deze meidagen 2020 waren anders dan de 74 voorafgaande. Het mooie boekje “Waarden van Vrijheid” dat door de gemeente Weststellingwerf is aangeboden aan elk huishouden binnen de gemeente kwam net te vroeg uit om aandacht te besteden aan die bijzondere situatie waarin wij tijdens deze meidagen verkeerden.

In het begeleidend schrijven van burgemeester André van de Nadort, dat als inlegvel meekwam met deze uitgave, kon de burgemeester nog wel opmerken: “Het is eigenlijk wrang dat juist nu we 75 jaar vrijheid vieren het vrije leven in Nederland is beperkt.” Hij doelt hier natuurlijk op de coronamaatregelen.

20200430_080444
Man en Vrouw in bange tijden Éen in lijden Één in strijd 1940-1945

Voor het eerst sinds 75 jaar weer een soort “spertijd”, zij het één binnen de grenzen van onze rechtsstaat. Deze keer ondergaan we de ons opgelegde vrijheidsbeperking vreedzaam en met begrip. Al is nog wat “reparatiewetgeving” nodig om de vergaande maatregelen in overeenstemming met onze Grondwet te brengen.

Ons “huisarrest” biedt ons een mooie gelegenheid om daar waar bevrijdingsfestivals zijn afgelast en de HORECA nog op slot zit, de vrijkomende tijd te gebruiken onszelf en anderen te bevragen over wat vreedzaam samenleven betekent en wat de vrijheid ons waard is. Na 75 jaar leek vrede voor ons als water voor een vis. We leven erin maar hebben geen idee wat het werkelijk is. Die vanzelfsprekendheid is er nu een beetje af.Lees meer »

De Angst (voor Corona)

Als kind kom je er langzaam maar zeker achter dat er geen krokodil onder je bed kan liggen, maar dat de kachel (oud voorbeeld), toch wel heet kan zijn.

Peuters leren zichzelf soms gewoontes aan zoals, zingen of fluiten in het donker,

“Ik ben niet bang voor de boze wolf”

Later leer je dat angst een slechte raadgever is komt die tegelwijsheid voorbij van:

‘Een mens lijdt dikwijls het meest door/van het lijden dat hij vreest’ (dichter onbekend). De fight-or-flight response werkte goed in de oertijd wanneer je oog in oog kwam te staan met een sabeltandtijger.

Maar zeker na de de Tweede Wereldoorlog werd die existentiële angst eigenlijk alleen opgeroepen door meer ongrijpbare dingen als  de Koude Oorlog  en afgeleide daarvan, “de bom” , “de Russen komen”.

Nog weer later ontstond die zogenaamde “veiligheidsparadox” = hoe veiliger het land hoe banger zijn burgers.

Straling van hoogspanningsmasten, 4G/5G, voedselveiligheid, pestprotocollen, bejaarden die zouden kunnen vallen, bijwerkingen van vaccins, buiten spelende kinderen  zonder begeleiding, pedofielen, vreemdelingen en terrorisme, natuurlijk, vul maar aan.

Kijk naar de lijst in het gedicht van Joost Zwagerman “Voor alles”.  Een bekijk die laatste vertolking van Wende Snijders:

En toen kwam het coronavirus.

Waar moeten we die dreiging plaatsen in het spectrum van hoogspanningsmasten tot de moderne de sabeltandtijger. Ook hier leek de eerste reactie een soort “zingen of fluiten in het donker” Wij zijn niet bang voor ….”

Lees meer »

Corona,Kroning en Overmacht

Overmacht, het wordt te pas en te onpas geroepen, net als “nood breekt wet”. Maar wat is overmacht en wat betekent “nood” in dat gezegde?

Afspraak is afspraak en afspraken moeten worden nagekomen. Wie gewichtig wil doen, zegt dat in het Latijn: “Pacta sunt servanda”.

Een woningzoekende die een huis of kamer huurt roept aan twee kanten verplichtingen op in het leven, hij zal op de afgesproken tijd de kamer moeten betrekken en de huurprijs moeten betalen en de verhuurder zal, van zijn kant, die kamer ter beschikking moeten stellen en de huurder het huurgenot moeten bieden.

Dus heb je voor een astronomisch bedrag een kamer gehuurd in Zandvoort voor de dagen van de Formule 1 Grand Prix van 1 t/m 3 mei 2020, dan moet je daarvoor de overeengekomen huurprijs betalen en verhuurder moet de kamer op die dagen ter beschikking stellen aan de huurder.

Een toen kwam het  corona virus  en ging de Grand Prix niet door.

20200319_203248
Overmacht in de wet voor 1992 maar ook in de huidige wet is niet te vinden wat overmacht precies is.

Heeft de Max Verstappen fan nu een weekend Zandvoort zonder GP geboekt voor de prijs van een luxe cruise of kan hij van zijn verplichtingen uit huurovereenkomst af?

Deze vraag doet denken aan de befaamde “Coronation Case” uit 1903. Aardige bijkomstigheid: “corona” betekent krans of kroon. Direct na de bekendmaking in december 1901 van de aanstaande kroning van Edward VII was er een run op kamers langs de route van de Kroningsstoet, die zou gaan van Buckingham Palace naar Westminster Abbey. Maar kort voor de kroning, bepaald op 26 juni 1902, werd Edward VII ziek en werd de kroning afgeblazen.

Een zekere Henry had van Krell een flat gehuurd, 56A Pall Mall, voor een aanzienlijk bedrag, met een goed uitzicht op de stoet die daar voorbij zou trekken ter gelegenheid van de kroning.

Net als de Max Verstappen fan wilde ook deze koningsgezinde Henry van zijn (verplichtingen uit) huurovereenkomst af. Henry beriep zich op overmacht. En wat vond de Engelse rechter daarvan? Nou die begon met de stelling, waarmee juristen altijd beginnen: dat hangt van alle relevante feiten en omstandigheden af. Waarbij ik me altijd afvraag wat het verschil is tussen feiten en omstandigheden.Lees meer »

Wat doet Corona met ons?

Kool en de geit sparen

Wonend in Friesland gaat de “Randstedelijke paniek om Corona” wat aan mij voorbij. Ja, mijn dochter stuurt mij foto’s van “haar” totaal leeg gehamsterde buurt-AH.  Maar in mijn dorp is het niet stiller dan anders. Het meest ingrijpende gevolg voor “mijn bubbel”  tot nu toe: het afblazen van een, door de plaatselijke Rotary-club georganiseerd, Muziekspektakel. De opbrengst zou geheel ten goede komen aan “Spieren voor Spieren”20200315_124955Dramatisch gesteld zou je kunnen concluderen dat het coronavirus het hier heeft gewonnen van van de spierziekte-patiënten.  Zo werkt het niet, dat begrijp ik ook wel, maar het symboliseert, in het klein,  het dilemma van de kool en de geit, die moeilijk beide te sparen zijn. En zoals de minister-president het verwoordde, er moet soms met 50 % kennis en 100% besluit genomen worden. En ook zijn het vaak keuzes tussen emotie en ratio. Een goed voorbeeld, het besluit over het wel/niet sluiten van de scholen. Zodra zo’n beslissing door de grote massa als “contra-intuïtief” wordt ervaren, kan de wetenschap op z’n kop gaan staan maar dan krijg je geen begrip of draagvlak voor je maatregel. En al helemaal niet als daar ook binnen de wetenschap discussie over ontstaat en  de aanpak op dit punt van land tot land verschilt. Eerder stelde ik ook al vast dat we nu een sterk Europa missen, want de verschillen in aanpak per land, zijn moeilijk uit te leggen aan de burger.

Verborgen logica van de corona-crisis

Tot voor kort riep Trump nog dat het corona-virus een buitenlands probleem was en een algemeen kenmerk van het populisme is juist dát, om voor alle “pech” in de wereld een schuldige aan te wijzen en zo ook weer polarisatie op te roepen. Populistisch rechts roept nu “too little too late”. Dat riepen ze overigens niet bij de stikstofmaatregelen. Toen werd juist naar de ons omringende landen gewezen waar veel minder drastische maatregelen werden genomen en nu wordt dat buitenland weer als voorbeeld gesteld, omdat daar veel draconischer maatregelen zijn genomen tegen het coronavirus .

In zijn colomnn “Verborgen logica van de corona-crisis”, schreef Tom-Jan Meeus: “voor constructieve politici kan het toch niet ingewikkeld zijn om uit te leggen dat juist deze crisis, waarin vooral ouderen gevaar lopen, alleen is te bestrijden met samenwerking. Samenwerking in het binnenland, samenwerking met het buitenland, samenwerking in de wetenschap. Terwijl de populistische aanpak van anderen verwijten maken – over hun beslissingen, hun gedrag, hun kennis – weinig tot niets aan een oplossing bijdraagt.

Het is lang geleden dat een crisis, hoe ongemakkelijk ze ook is, zoveel kansen bood aan het anti-populisme.” IMG-20200313-WA0005

Diezelfde Meeus schreef 12 maart 2020 in zijn NRC: “Opoffering voor het algemeen belang: minder leven op de impuls, uitstel van behoeftebevrediging. En verderop: “Gesteld voor de keuze winnen uitstel van behoeftebevrediging en sociale onthouding het nu blijkbaar van vrijheid, maar hoe lang – je weet het niet.

Twee dagen later werden de supermarkten leeggeplunderd door hamsteraars met minder impuls beheersing. Maar het zijn ook gekke tijden waar we allemaal wel even aan moeten wennen.  Ik vertrouw erop dat we uiteindelijk graag iets voor onze medemens over hebben, of je nu je oude ouders of je buurman in zijn scootmobiel, voor ogen hebt, maar dan moeten de offers die van ons gevraagd worden  wel “logisch” aanvoelen, want  rede en gevoel zijn moeilijk te scheiden.  Heel Nederland zit in een groot sociaal experiment. Ik hoop dat de uitkomst zal zijn dat:  “De meeste mensen deugen”.

 

 

Update: De Angst (voor Corona) of hou die (gevoels)afstand* tot elkaar klein!

Uit mijn laatste zin van mijn vorige blog:  “Maak de angst niet besmettelijk” sprak enige bezorgdheid.  Had ik mij laten misleiden door die redeloze hamsteraars?  Of krijgt Jesse Klaver  gelijk die later opmerkte dat wij ten diepste geen homo economicus zijn, maar een homo empathicus?

De afgelopen week lees ik teksten als “Deze vijand kan ons verbinden” (Daan Roovers, de Filosoof en Denker des Vaderlands), “Deze afstand (1.5 meter) brengt ons dichterbij”. 20200327_120055Overal ontstaan, spontaan mooie initiatieven, zoals het klappen voor de zorg en in mijn eigen gemeente  “Coronahulp Weststellingwerf”.

Overal haalt men toch nog mondkapjes en veiligheidsbrillen vandaan voor de zorg.

#Daslief

En groter en meeslepender, zien mensen in het plotseling tot stilstand komen van het land, van de wereld,  toch ook de nadelen die heilig verklaarde economische groei en van het individualisme. Solidariteit wint het van het individuele belang.

Het Coronavirus  als “blessing in disguise”? De tijd zal het leren.

Ook Duitsland trekt de solidariteit breder en las ons al een beetje de les door opvallende demonstratief, het belang van internationale samenwerking, van een sterker en solidair Europa te tonen, toen het ons zo ruimhartig (een deel van) zijn overcapaciteit aan IC-bedden/ruimte aanbod.

Hier had ik even een “writers block”, maar noem mij geen schrijver, en toen kwam mijn favoriete “In Europa” columniste Caroline de Gruyter  mij te hulp en zij introduceerde in haar column van deze week de Italiaanse filosoof Maurizio Ferraris. Althans ik kende hem niet.

De Gruyter gaf een paar mooie positieve citaten van Ferrasis die ik jullie niet wil onthouden, sterker nog je kan mijn blog beter hier beginnen want Ferrasis zegt het zoveel mooier dan ik, met dank aan Caroline de Gruyter :

“dat het in deze crisis niet om geld draait (zoals vorige keer, bankencrisis, edv), maar om het leven zelf. Het leven moet winnen van het virus. Hoe doen we dat? Door met goede wil en goede ideeën te komen. Door te borrelen van levenslust. Studenten die boodschappen doen voor ouderen, leraren die examens afnemen op video, Duitse dokters die Italiaanse patiënten behandelen – al die initiatieven zijn nieuw en spannend, en staan bol van de levenslust. Tijdens de financiële crisis domineerde de bitterheid. Iedereen was platgeslagen. Nu is er veel leed, maar je ziet ook overal erupties van vindingrijkheid, goede voornemens en pure empathie.”

en

het virus attendeert ons erop „dat de aarde rond is. Dat mensen voorbestemd zijn om contact met elkaar te hebben, elkaar nodig hebben. Uit virussen kunnen goede ideeën voortkomen. Dat lijkt mij een positieve infectie.”

Nu eindig ik dan ook optimistischer en positiever, laat dat optimisme van Ferraris en zoveel anderen aanstekelijk werken, besmettelijker zijn dan #C…. en laten we het niet steeds over C.. hebben maar doorgaan met onze gewone kletspraatjes die soms nergens over gaan, opdat we die (gevoels)afstand tot elkaar maar klein kunnen houden.

 

* vrij naar “gevoelstemperatuur”

 

 

Zijn onze rechters (te) activistisch? Met een toegift over SyRI

De Nederlands staatsinrichting kent drie gescheiden machten: de wetgevende macht, die ligt bij de Eerste en de Tweede Kamer, daar wordt over de wetten beslist, de uitvoerende macht: de regering (de ministers, en meer ceremonieel, de koning) zij voert de wetten uit en zorgen voor het openbaar bestuur van het land. En de rechterlijke macht, gevormd door de rechters die tezamen met het Openbaar Ministerie, recht spreken.

20200203_192928Het idee van de scheiding der machten, ook wel  de trias politica genoemd, is ontwikkeld door de Franse filosoof Montesquieu,  die leefde van 1689-1755, de tijd waarin de macht nog in hoofdzaak bij de adel en de koning lag. Hij vond dat de macht niet geconcentreerd bij één (staats)instelling of persoon moest liggen – Power corrupts; absolute power corrupts absolutely-  maar bij meerdere instellingen.

Sinds de Grondwetswijziging van 1884 werkt dit systeem goed. Die drie machten zorgen voor een zeker (machts)evenwicht, zij vullen elkaar aan en controleren elkaar, waarbij de kiezers dan weer de wetgever controleren door middel van hun stemrecht.

Uitgangspunt is dat het zwaartepunt ligt bij de volksvertegenwoordigers, de politici, die moeten zorgen voor goede rechtvaardige wetten die het algemeen belang dienen.

“Onze rechtsstaat- aldus onze Koning Willem-Alexander- beschermt wat weerloos is en voorkomt dat alleen de hardste stemmen worden gehoord.”

Het is ook een misvatting dat in een democratie de meerderheid het voor het zeggen heeft. De democratische rechtsstaat beschermt juist de minderheid tegen een (willekeurige) meerderheid.

Maar terug naar de machtenscheiding. De politiek (de wetgevende macht) moet zich niet al te diepgaand bemoeien met de uitvoering. Dat moet worden overgelaten aan het ambtelijke apparaat, aangestuurd door de ministers. Bij  de Belastingdienst (de Toeslagen-affaire, de NS ( de kamer die af wil dwingen dat de treinen op tijd rijden, waar de NS zelfs geen overheidsbedrijf meer is) en bijvoorbeeld het onderwijs kunnen ze meepraten over wat er gebeurt als de politiek “in de waan van de dag” zich met de uitvoering gaat bemoeien.

En de onafhankelijke rechterlijke macht moet de “politiek aan de “” politiek” laten. Die moet zich beperken tot alledaagse conflictoplossing, uitleg en aanvulling van de wet en met nieuw opgekomen rechtsvragen, vaak voortkomend uit nieuwe ontwikkelingen, waarin de wet nog niet voorziet.

Enkele politici beweren steeds luider dat de rechterlijke macht te veel op de stoel van de wetgever is gaan zitten. Die politici wijzen dan naar de rechterlijke uitspraken over stikstof, waar bouwers en boeren zich nu zo boos overmaken , de Urgenda-uitspraak, die de staat dwingt tot een 25 % CO2 reductiede IS-zaak waarbij de staat wordt gedwongen meer te doen om IS-kinderen terug te halen. Nijpende en ook politiek getinte problemen waar, in de wet nog geen antwoord te vinden was.

20200203_192858
De Zweetvoetenman over rechtszaken & regels (en een hoop gedoe) dat prachtige boek van Annet Huizinga & Margot Westermann waarin zelfs deze kwestie mooi wordt uitgelegd op blz. 216 e.v.

De rechter is wettelijk verplicht recht te spreken als hem, zoals in deze zaken, om een oordeel wordt gevraagd. Uiteraard moet de rechter zijn oordeel dan baseren op de wet op staand regeringsbeleid en regeringsbeloften en op de van toepassing zijnde verdragen.

In de Urgenda-zaak waren de drie opeenvolgende rechtscollege’s het met elkaar eens. De rechtbank en, in beroep, het gerechtshof en in hoogste instantie, in cassatie, de Hoge Raad.

In een uitgebreide overweging, geheel gewijd aan de grens tussen wetgevende en de rechtsprekende macht overweegt de Hoge Raad in zijn uitspraak  in zijn laatste overweging 8:

De Hoge Raad begint met een belangrijk uitgangspunt:

“Indien de overheid tot iets verplicht is, kan zij daartoe, net als ieder ander, door de rechter worden veroordeeld op vordering van de gerechtigde (art. 3:296 BW). Dit is een fundamentele regel van de rechtsstaat, die is verankerd in onze rechtsorde.”

en vervolgt dat wat technischer:

“Zoals hiervoor in 6.3 is overwogen, komt in het Nederlandse staatsbestel de besluitvorming over reductie van de uitstoot van broeikasgassen toe aan de regering en het parlement . Zij hebben een grote mate van vrijheid om de daarvoor vereiste politieke afwegingen te maken. Het is aan de rechter om te beoordelen of de regering en het parlement bij het gebruik van die vrijheid zijn gebleven binnen de grenzen van het recht, waaraan zij zijn gebonden. Tot de hiervoor in 8.3.2 bedoelde grenzen behoren die welke voor de Staat voortvloeien uit het EVRM (Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, Rome, 04-11-1950, edv).

In de bijna op zijn eind lopende Impeachment procedure hoorden wij steeds: Niemand staat boven de wet, ook President Trump niet. Nou dat geldt ook voor de Nederlandse overheid.Lees meer »