“dit valt niet uit te leggen”

Groene Amsterdammer vroeg dit lange weekend in een Tweet nog eens aandacht voor het Essay van H.J.A Hofland uit oktober 2011. Het tamelijk cultuurpessimistische boek  “Platter en Dikker” van Neerlands beste  “old school journalist/waarnemer”.

20180513_172054

 

Een nieuw menstype

Er is een nieuw type mens ontstaan, schrijft Hofland, hij is grof en hij is dik. Hij lapt de verkeersregels aan zijn laars, hij steekt zijn middelvinger op, hij is eerder bereid een medemens uit te schelden, op zijn gezicht te slaan. hij zal iedereen laten weten dat hij hier op aarde is. Oorzaak: de propaganda van het genot. Alles moet leuk en lekker zijn.

En 7 jaar later beschrijft hoogleraar Ontwikkelingen in de Publieke Opinie Henri Beunders, de laatste ontwikkeling van deze nieuwe mens in een opiniestuk in het NRC.

In minder denigrerende toon, beschrijft Beunders, hoe die nieuwe mens van Hofland nu geworden is tot een mens die zegt: “ik heb recht op succes en alles wat daarbij de weg staat, maakt mij tot slachtoffer. Dat tragiek bij het leven kan horen, is een onacceptabele gedachte.” Beunders richt zich hoofdzakelijk op de ontwikkelingen in het Nederlands strafrechtelijk klimaat. Waren wij ooit kampioen resocialisatie met de daarbij behorende lichte straffen, nu klimmen we op naar een toppositie op de lijst strengst straffende landen. Een anti-cyclische, contra-intuïtieve beweging nu de criminaliteit onverklaarbaar snel daalt, zo verrassend zelfs dat gesproken wordt van mysterieuze verdwijning van de criminaliteit.

De veiligheidsparadox

“Er worden nog altijd meer verdachten in voorlopige hechtenis gehouden dan elders, en langer ook. En er zitten nu meer mensen een levenslange gevangenisstraf uit dan in de hele vorige eeuw bij elkaar. Trouwens, ook saillant voor het tolerante ‘gidsland Nederland’, zo constateert Beunders: de regering heeft in de afgelopen halve eeuw slechts één keer gratie verleend aan een levenslang gestrafte, een terminaal zieke. (Des te opmerkelijker omdat de Nederlandse overheid de twee laatste Duitse oorlogsmisdadigers wel gratie verleende.)

Beunders legt in zijn opiniestuk in NRC het begrip veiligheidsparadox nader uit. Destijds besprak ik dat fenomeen ook in mijn mijn blog: Het Volk als dam tegen de “Populist

“Hoe is dit te verklaren? ( De verharding van het strafrechtklimaat en dat gebrek aan empathie, edv) Het antwoord ligt in de ‘veiligheidsparadox’: we willen maximale veiligheid én maximale vrijheid. Alles wat dit paradijselijke leven verstoort, is onaanvaardbaar geworden. Dus: hoe veiliger, hoe gevoeliger – tot overgevoeligheid aan toe. En: hoe meer veiligheid, hoe groter de roep om vergelding. De secularisatie doet er een schepje bovenop. Het woord ‘vergeving’ is geheel verdwenen uit onze cultuur. De verdachte is nu geen medemens meer die van het pad is afgeraakt, maar een vijand die uit de weg moet worden geruimd.

De alomvattende sociale context van deze ontwikkeling is de emancipatie van de burger. In de seculiere samenleving is ‘de individuele autonomie’ de nieuwe God. Even belangrijk misschien: in de huidige rationele, commerciële prestatiemaatschappij is uiterlijk succes het dominante doel. En dit leidt tot minder empathie, want voor empathie zijn openheid, begrip en vooral ook rust en tijd nodig. Gestreste mensen oordelen sneller, slechter en harder. Maar waant iedereen zichzelf een god, dan is elke aantasting van dit zelfbeeld een narcistische krenking waarop met de emotie van woede wordt gereageerd.”

Shit Happens

In mijn hier boven aangehaalde blog “Het Volk als dam tegen de “Populist” dat ook al was geïnspireerd op Beunders ideeën, beschreef ik Beunders remedie tegen deze “Dikke Ik-mentaliteit”.  De beleidsmakers en politici hebben de afgelopen jaren niet het lef getoond de burger die zich slachtoffer waande tegen te werpen met: “Shit happens,  dat paradijs dat jullie eisen kan ik hier op aarde niet voor jullie creëren.” Nee, bij veel wat de burger boos maakte, roepen de politici: “tja, dat valt niet uit te leggen” doelend bijvoorbeeld, op een gewone geregelde vervroegde invrijheidstelling, op het niet opleggen van tbs door de rechter terwijl het slachtoffer of de nabestaanden dat wel eisen, op de verontwaardiging  over de vluchtelingeninstroom op grond van het Vluchtelingenverdrag, op stervende dieren in de Oostvaardersplassen, op weer een verwarde man etc.

Beunders zegt daarover in zijn recent artikel:

“Als burgers meer worden betrokken bij grote morele vragen, en bij het bestuur en de rechtspraak in het algemeen, zullen ze zien dat er weinig zaken zijn die inktzwart of hagelwit zijn. En dat een complex geworden maatschappij soms simpele maatregelen vereist. Maar ook dat de simpel ogende oplossing van vandaag het probleem van morgen zal zijn. En dat strafzaken vaak complexer in elkaar zitten dan gedacht, en dat de scheidslijnen tussen misdaad, boete en straf niet altijd kraakhelder zijn.”

Als de “puberende burger”, die volgens de overheid verantwoordelijk te houden is voor zijn eigen (on)geluk in deze neoliberale meritocratie, waarin iedereen (op papier?) immers gelijke kansen heeft, wanneer die burger, in de ogen van de bestuurders “verkeerd stemmen” in een referendum lijkt de conclusie steevast te zijn: dan hebben we het niet goed uitgelegd het niet goed uitgelegd.

Het valt best uit te leggen

Als ik Beunders goed begrijp moet je er wel moeite voor doen als politici, als bestuur, als rechter, om de burger meer te betrekken in de dilemma’s waar het bestuur vaak voor staat, dilemma’s  over kwesties die de burger raken en betreffen. Beunders zegt immers:

“Als burgers meer worden betrokken bij grote morele vragen, en bij het bestuur en de rechtspraak in het algemeen, zullen ze zien dat er weinig zaken zijn die inktzwart of hagelwit zijn. En dat een complex geworden maatschappij soms simpele maatregelen vereist. Maar ook dat de simpel ogende oplossing van vandaag het probleem van morgen zal zijn. En dat strafzaken vaak complexer in elkaar zitten dan gedacht, en dat de scheidslijnen tussen misdaad, boete en straf niet altijd kraakhelder zijn.”

De Minister van Rechtsbescherming Dekker kan heel goed uitleggen hoe ons systeem van voorwaardelijke invrijheidstelling (al decennia lang goed) werkt. Maar als hij de burger niet serieus neemt en onder valse voorwendselen een aanzienlijke strafverhoging wil doorvoeren, komt hij met een populistische redenering waarvan hij weet dat die goed zal vallen bij die boze burger die zich te pas ten te onpas slachtoffer acht.

“18 jaar krijgen en maar 12 jaar hoeven zitten, dat is toch niet uit te leggen aan de burgers”. Nee, dat is heel goed, goed uit te leggen maar het komt politiek niet van pas.

Een niet integer beroep op  het ‘gesundes Volksempfinden’ leidt zelden tot veel goeds.

 

 


De gevaarlijke arrogantie II

“Het beste argument tegen de democratie is een gesprek van vijf minuten met de doorsnee kiezer”. Met deze quote van Winston Churchill begint een mooie column van de politiek filosoof Remko van Broekhoven. 20180505_113923-1Spreekt hier de “vleesgeworden” weldenkende mens die met de doorsnee kiezer eigenlijk die “achterblijvers” bedoelt die bij gebrek aan inzicht hun onderbuik volgen?

Eerder schreef ik over de arrogantie van de zogenaamd weldenkende mensen, waartoe ik, heel aanmatigend, mijzelf ook graag reken. Zie: “De gevaarlijke arrogantie van de macht”.

Maar net als Remko van Broekhoven moet ik, als ik eerlijk ben, bij mijzelf ook vaststellen dat ik dat (wel)denken wel eens oversla. “Cherrypickend” pluk ik laaghangend fruit uit de media van mijn eigen bubbel. Feiten zoekend die mooi aansluiten op mijn gevoelsmatig gevormde opinie, mijn onderbuik dus, en die “feiten” dan zonder veel studie of overdenking delen. Aan die intellectuele luiheid zal ik me wel schuldig blijven maken, ik maak mij geen illusies. Maar de les die Van Broekhoven mij meegeeft is:

“Maar laten we wel onder ogen zien dat iedereen vatbaar is voor minder fraaie gevoelens, voor woede en wrok, voor angst en afgunst, voor dedain en paniekpolitiek. En laten we er rekening mee houden dat dit soort gevoelens je oordeelsvermogen kunnen verwarren en verduisteren, hoe hoog je opleiding of je inkomen ook is, hoe fatsoenlijk ook de krant die je leest of de omroep die je kijkt.”

En nu ik dit schrijf op 5 mei, herhaal ik hier mijn zwaarwichtige afsluiting van mijn deel I over “De gevaarlijke arrogantie van de macht“: 20180505_082658

“Veel achterblijvers, die op arrogante wijze zijn weggezet door de deskundige elite, hebben geen vertrouwen meer in dat eerlijk delen van kennis. Kennis is macht en macht maakt niet alleen arrogant, menen zij, maar corrumpeert uiteindelijk. Zo vormt arrogantie een gevaar voor onze SAMENleving.”

Wie de macht heeft om met de waarheid te knoeien brengt uiteindelijk onze democratische rechtsstaat in gevaar. Of zoals Timothy Snyder het zei, door mij aangehaald in “The truth, the whole truth and nothing but the truth”  „Zonder waarheid is er geen vertrouwen, zonder vertrouwen is er geen rechtsstaat, zonder rechtsstaat is er geen democratie.”

En Remko Broekhoven brengt in zijn column empathie en verantwoordelijkheid bij elkaar, door af te sluiten met:

“En Winston Churchill, besef dat een gesprek met de doorsnee kiezer je afkerig kan maken van democratie, maar ook dat zo’n gesprek je inzicht geeft in een onderbuik die niet weg te denken is uit welke democratie dan ook.” IMG_20180505_113241

De echt weldenkende mens met hart voor de democratische rechtstaat ziet het als zijn plicht en verantwoordelijkheid zo dicht mogelijk bij the truth the whole truth and nothing but the truth te blijven en doet daar ook moeite voor door integer wel te blijven denken en de ander keer op keer te corrigeren en tegen te spreken wanneer die ander het niet zo nauw neemt met de waarheid. Dit alles dan weer in het besef dat niemand de waarheid in pacht heeft. Maar, laatste citaat, nu vrij oud, Nicolaas Beets:

“Du choc des opinions jaillit la vérité”

(Uit de botsing van meningen ontspruit de waarheid)

Het botsen der gevoelend; zegt men vaak,

Kan voeren tot het ware van de zaak.

Maar waar vooroordeel met vooroordeel strijdt,

Wat is het — dan verlies van tijd!”

Dus leg dat vooroordeel opzij en ga met belangstelling en empathie het gesprek aan.